Week 1 - God in mij
Ik wil mijn leven meer leren zien met de ogen van het geloof,
en ontdekken hoe God in mij werkt.
Welkom of Welkom terug in onze mooie Stanislaskapel. Wat fijn om hier weer samen te komen, in de stilte, onder de liefdevolle blik van onze God.
We beginnen de meditatie met een lied. Ik zal gedurende het aankomende half uur een aantal keer een stukje Bijbeltekst met een korte overweging geven. Het is niet nodig om alles wat ik zeg te volgen. Je kunt je laten leiden door iets dat je raakt in het lied, in de tekst of in de vragen. Het is goed om in de aanwezigheid van God te blijven en te proeven en smaken wat er in jou naar boven komt.
Adem een aantal maal rustig in en uit en neem de tijd om echt aanwezig te worden in deze kapel en in deze kring. Stel je tijdens dit rustige in- en uitademen open voor Gods liefdevolle aanwezigheid in je en om je heen.
----
Lied: Bless the lord
Taize, van de CD Laudate omnes gente
Bless the Lord, my soul, and bless God’s holy name
Bless the Lord, my soul, who leads me into life
Prijs de Heer, mijn ziel, en prijs Gods heilige naam
Prijs de Heer, mijn ziel, de mij het leven geeft
----
Tekst: 1 Samuël 3, 1-10 (Nieuwe Bijbelvertaling 2004)
De jonge Samuël diende dus de Heer, onder de hoede van Eli. Er klonken in die tijd zelden woorden van de Heer en er braken geen visioenen door. Op zekere nacht lag Eli op zijn slaapplaats. Zijn ogen waren dof geworden, hij kon bijna niet meer zien. Samuël lag te slapen in het heiligdom van de Heer, bij de ark van God. De godslamp was bijna uitgedoofd.
Ik stel me deze nachtelijke, intieme situatie voor. Twee mannen, de oude Eli bij wie het licht bijna dooft en de jonge Samuël bij wie het licht nog moet ontvlammen. Een godslamp die zachtjes flakkert in het donker. Bijna uit. Ik verplaats mij in deze situatie en onderzoek wat dat in mij teweegbrengt?
Toen riep de Heer Samuël. 'Ja', antwoordde Samuël. Hij liep snel naar Eli toe en zei: 'Hier ben ik. U hebt me toch geroepen?' Maar Eli antwoordde: 'Ik heb je niet geroepen. Ga maar slapen.' Toen Samuël weer lag te slapen, riep de Heer hem opnieuw. Samuël stond op, ging naar Eli en zei: 'Hier ben ik. U hebt me toch geroepen?' Maar Eli antwoordde: 'Ik heb je niet geroepen, mijn jongen. Ga maar weer slapen.' Samuël had de Heer nog niet leren kennen, want de Heer had zich niet eerder aan hem bekend gemaakt door het woord tot hem te richten. Opnieuw riep de Heer Samuël, voor de derde keer. Samuël stond op, ging naar Eli en zei: 'Hier ben ik. U hebt me toch geroepen?' Toen begreep Eli dat het de Heer was die de jongen riep. Hij zei tegen Samuël: 'Ga maar weer slapen. Wanneer je wordt geroepen, moet je antwoorden: 'Spreek, Heer, uw dienaar luistert.'
Noch de jonge Samuel, noch de oude Eli herkennen aanvankelijk de roepstem van de Heer. Ik kijk naar mijn leven in de afgelopen maanden. Was er een terugkerende uitnodiging of verlangen, zoals de roep tot Samuël?
Samuël legde zich weer te slapen, en de Heer kwam bij hem staan en riep net als de voorgaande keren: 'Samuël! Samuël!' En Samuël antwoordde: 'Spreek, Heer, uw dienaar luistert.'
Ik blijf tot het eind van deze meditatie bij Gods licht in de intieme, heilige stilte van deze kapel en stel me open voor het geval God mij iets wil zeggen.
Muziek
We zijn aan het einde van de meditatie gekomen. Er is nu een nagesprek voor diegenen die daaraan mee willen doen. Tijdens het nagesprek kan iedereen kort delen wat haar of hem heeft beziggehouden tijdens de meditatie. Je mag ook gewoon naar de anderen luisteren.