Week 20 - Oog in oog met Jezus

In de confrontatie met de mensen op zijn weg wordt Jezus’ identiteit steeds duidelijker. Ik probeer helder te krijgen hoe ik naar Hem kijk en Hij naar mij.

 

Mijn verlangen zou kunnen zijn dat ik Jezus ook trouw kan blijven in de confrontatie.

 

Muziek: Duruflé - Ubi Caritas - Maîtrise Notre-Dame de Paris

Ubi caritas et amor, Deus ibi est. Congregavit nos in unum Christi amor.

Excultemus, et in ipso iucundemur. Timeamus, et amemus Deum vivum.

Et ex corde diligamus nos cincero. Amen.

Waar vriendschap heerst en liefde, daar is God. Christus’ liefde heeft ons tot eenheid gebracht. Laat ons juichen en blij zijn in Hem. Laat ons, Hem vrezend, oprecht beminnen de God, die leeft. En van harte goed zijn met elkaar. Amen.

Spotify

Youtube

Tekst: Johannes 8:1-11

Jezus ging naar de Olijfberg, en vroeg in de morgen was Hij weer in de tempel. Het hele volk kwam naar Hem toe, Hij ging zitten en gaf hun onderricht.

Jezus was in de tempel, de kerk, de kapel. Ik ben ook gekomen om naar Hem te luisteren en zoek een plekje waar ik Hem kan zien en horen.

 

Toen brachten de schriftgeleerden en de farizeeën een vrouw bij Hem die op overspel betrapt was. Ze zetten haar in het midden en zeiden tegen Jezus: ‘Meester, deze vrouw is op heterdaad betrapt toen ze overspel pleegde. Mozes draagt ons in de wet op zulke vrouwen te stenigen. Wat vindt U daarvan?’ Dit zeiden ze om Hem op de proef te stellen, om te zien of ze Hem konden aanklagen.

Wat brengt dit teweeg bij mij? Wat hoor en zie ik vanaf de plek waar ik me bevind?

 

Jezus bukte zich en schreef met zijn vinger op de grond. Toen ze bleven aandringen, richtte Hij zich op en zei: ‘Wie van jullie zonder zonde is, laat die als eerste een steen naar haar werpen. Hij bukte zich weer en schreef op de grond. Toen ze dat hoorden gingen ze weg, een voor een, de oudsten het eerst, en ze lieten Hem alleen met de vrouw die in het midden stond.

Ik kijk naar Jezus, die zich bukt en naar de vrouw die daar nog steeds staat. Onze blikken kruisen elkaar. Wat zie ik bij haar? Wat ziet zij bij mij?

Jezus richtte zich op en vroeg haar: ‘Waar zij ze? Heeft niemand u veroordeeld?’ ‘Niemand, Heer’, zei ze. ‘Ik veroordeel u ook niet’, zei Jezus. ‘Ga naar huis, en zondig vanaf nu niet meer.

Terwijl de vrouw wegloopt, blijf ik nog even staan. Jezus ziet mij en kijkt mij aan. Wat zie ik nu ik oog in oog sta met Hem?

Volgende
Volgende

Week 19 - Jezus geeft leven